Op 18 februari was het dan eindelijk zo ver, op weg met een groep van 40 Nederlanders naar Dubai en het Midden-Oosten! Ondanks dat het voor mij niet de eerste keer was dat ik voet op Arabische bodem zette, was het toch weer fascinerend om te zien hoe het er daar allemaal aan toe gaat. Dat begint al bij aankomst, rond middernacht op het vliegveld. Zoals wij hier de spits in de ochtend en begin van de avond hebben op Schiphol, ligt die in Dubai juist ’s nachts. En dan te bedenken dat Emirates Airlines sinds kort exclusief een eigen terminal heeft om de enorme drukte van de overige vluchten te ontlasten! Gelukkig werden we prima opgevangen door de staff van de lokale agent. Bij de paspoortcontrole krijg je al meteen dat Arabische gevoel, waar de ambtenaren met hun traditionele kledij achter de balie zitten. De dames in het zwart, bedekt met een hoofddoek en de heren in een witte lange jurk, een dishdash en de bekende geblokte wit/rode sjaal, de kaffiyya.
We hadden 3 dagen extra om Dubai te verkennen, voorafgaand aan de cruise door het Midden-Oosten. Na de eerste ochtend heerlijk te hebben uitgerust bij ons hotel aan het strand gingen we begin van de middag voor een stadstour naar Sharjah, begeleid door onze Nederlandstalige gids Brigitte. Sharjah maakt naast Dubai en Abu Dhabi deel uit van de zeven Verenigde Arabische Emiraten (evenals de minder bekende emiraten Ajman, Umm al-Qaiwain, Ras al-Khaimah en Fujairah). Hoogtepunt is de mooie blauwe souk met z’n ronde bogen als dak. Ondanks dat Sharjah overgaat in Dubai, is de bouwstijl nauwelijks te vergelijken. Zo traditioneel als sommige delen van Sharjah nog zijn, zo modern is Dubai met zijn vele prachtige wolkenkrabbers. Een lust voor het oog en een paradijs voor menig architect, aangezien in Dubai geld geen rol lijkt te spelen. Maar ook wij konden de gevolgen zien van de wereldwijde financiële crisis bij de verschillende bouwprojecten. We brachten een kort bezoek aan het Dubai Museum, waar we op een leuke manier een kijkje konden nemen hoe het er hier vroeger aan toe ging voordat er in 1966 olie werd gevonden en Dubai voornamelijk leefde van de parelvisserij en de handel. Daarna vervolgden we onze citytour en staken we over met een watertaxi over de Dubai Creek naar de kruiden- en goudsouk. Een ervaring op zich, met zo’n 14 mensen op een houten bootje, tussen de lokale bewoners die van hun werk komen of gewoon boodschappen hebben gedaan aan de andere kant van de rivier. De heerlijke geuren komen je op de kruidensouk tegemoet en de vele gouden sieraden bieden een ruime keuze om een mooie bruidsschat uit te zoeken! Ter afsluiting hadden we die avond een heerlijk diner op een traditionele dhow, zoals die al eeuwen gebruikt worden. Varend over de Dubai Creek hadden we nu vanaf het water een mooi uitzicht op de inmiddels prachtig verlichte skyline.

De volgende dag gingen we na een relaxte ochtend in de loop van de middag op jeepsafari. Met max. 5 personen en de chauffeur was het een hele belevenis om door de duinen te rijden. Na wat lucht uit de banden te hebben laten lopen om meer grip op het zand te hebben, voelde je je soms net een deelnemer aan Parijs Dakar! Na de zonsondergang gingen we door naar een Bedoeïenkamp, waar we in oosterse sferen werden gebracht door de muziek, Perzische kussens en tapijten, een buffet met heerlijke gerechten, henneptatoeages voor de liefhebbers en zelfs een buikdanseres. Kortom, een gezellige avond onder de Arabische sterrenhemel!
Toen was het alweer onze laatste dag in Dubai, met een vroeg bezoek aan de beroemde Arabische volbloed paarden in de stallen van de poloclub. Hier is te zien hoe ze worden getraind en verzorgd. In het Midden-Oosten is de paardensport minstens zo populair als bij ons het voetbal! Na een uitgebreid ontbijt was het alweer tijd om terug te gaan naar het hotel om de koffers te pakken en onze laatste gezamenlijke uitstapje te maken. Eerst reden we over het bekende, door Nederlanders aangelegde Palmeneiland. Om de bewoners nog enige privacy te gunnen zijn de “bladeren” niet toegankelijk voor toeristen, maar door over de “stam” te rijden en de golfbrekers konden we toch een goede indruk krijgen van dit enorme project. Daarna was het tijd voor een heerlijke high tea in de Burj al Arab, het enige 7-sterren hotel ter wereld. Een geweldige, exclusieve ervaring, omdat er alleen met een reservering toegang is tot het hotel wat zo kenmerkend voor de kust ligt als een soort zeilschip.
Toen werd het tijd om in te schepen op de Costa Victoria waar we gelukkig vroeg aankwamen, waardoor we de enorme drukte voor waren die in de loop van de avond ontstaat als alle vluchten aankomen met cruisegangers. Het is altijd weer spannend om een onbekend schip te verkennen, waar zijn alle lounges, het theater, de verschillende restaurants en bars. Gelukkig hadden we daar de zondag ook nog voor want we vertrokken ’s middags, op weg naar het sultanaat van Oman. Ondanks dat de groep zich de rest van de week over het schip verspreidde en op eigen houtje allerlei leuke dingen ging ondernemen, hadden velen toch op z’n tijd de gezelligheid van elkaar tijdens het diner of gewoon een praatje op het dek. De zondagmiddag werd vooral gebruikt om lekker van de zon te genieten en een beetje uit te rusten van de drie leuke dagen in Dubai met alle nieuwe indrukken die waren opgedaan.
Verder lezen... |